We testen daarbij niet wat het verschil is tussen licht en donker dat de camera in jpg kan weergeven. Dat is namelijk alleen afhankelijk van de instellingen van de camera en niet van de prestaties van de sensor. In zo'n geval zou je dus alleen de instellingen testen en aangezien je daarop eindeloos kunt variëren is dat zinloos.

Adobe Camera RAW
De basis van deze test vormt de RAW-verwerking gebruikmakend van Adobe Camera RAW, de basis van zowel Photoshop CC als van Lightroom en Elements. Dat sluit ook goed aan bij de praktijk, want wie de dynamiek ten volle wil benutten zal sowieso met RAW moeten werken. We gaan uit van de belichting bij de nominale gevoeligheid van de camera, gemeten met een losse Lunasix belichtingsmeter.

Om de totale dynamiek te berekenen, vergroten we de contrasomvang van het testobject kunstmatig door onder- en over te belichten en tellen de over-, respectievelijk onderbelichting bij de contrastomvang van het testobject op. We kijken naar het punt waar de camera net niet gaat overbelichten, dus ook in RAW geen verdere doortekening meer uit het wit kan halen en nemen dat als uitgangspunt voor de dynamiek in de lichten. De lichtste partij van onze ColorChecker kaart is 2,55 stop lichter dan middengrijs, dus daarmee hebben we meteen het lichtste punt dat de camera kan weergeven. Daarna onderbelichten we steeds verder uitgaande van de nominale belichting, totdat we bij 18% grijs bij een vergroting van 50% op een 23 inch-monitor ruis gaan zien. De donkerste partij van de kaart is dan 2,4 stops donkerder en zo berekenen we het donkerste punt dat weergegeven kan worden. Wie met een (variant op het) zoneysteem werkt, zou de testwaarden goed kunnen gebruiken.
Adobe
Deze niveaus vergelijken we steeds met referentiecamera's en ook blijven we nieuwe versie van Adobe Camera RAW checken om zeker te zijn dat de resultaten onderling vergelijkbaar zijn. Omdat de zichtbaarheid van de ruis een subjectief element heeft, laten we dit ruisniveau ook zien, zodat u er uw eigen conclusies uit kunt trekken en mogelijk uw eigen dynamiek kunt berekenen. In de berekende waarden zit een foutmarge van maximaal ca. 1/3 stop, die ontstaat door mogelijke afwijkingen tussen de verschillende opnamen van één camera. Het gaat hierbij niet om het verschil tussen de diafrgamawaarde en de T-waarde, maar om afwijkingen tussen verschillende opnamen gemaakt met dezelfde diafragmawaarde en afwijkingen in de sluitertijden. In de praktijk zijn deze meestal te verwaarlozen, tenzij sprake is van een defect.
Belang
Bij normale huis, tuin en keukenfoto's is dynamiek niet zo van belang, maar bij landschappen, foto's van steden, reis- en reportagefotografie kom je soms in situaties waarin je het uiterste uit de lichten en schaduwen wil halen. Ga je ook nog eens vrij ver in het verhogen van de verzadiging en het contrast, dan stuit je behalve bij de camera's met de allerbeste dynamiek, al snel op grenzen. Vergeet daarbij niet dat je in de toekomst mogelijk je foto's anders gaat verwerken dan nu: je kunt beter een camera kopen met een grotere dynamiek dan je denkt nodig te hebben, dan met een net toereikende dynamiek.
Sony a6300
De Sony-sensoren staan bekend om hun goede dynamiek en die van de 6300 vormt daarop geen uitzondering.

Bij plus 2,3 stops zit er nog net doortekening in de lichtste partij van de kaart, tellen we daar de dynamiek van de kaart zelf bij op, dan halen we 4,85 stops vanaf middengrijs.


Bij een onderbelichting van -5 zien we net zichtbare ruis en de kleurweergave is nog uitstekend, dat levert dus een dynamiek op van 7,4 stops op vanaf middengrijs in de schaduwen.


Bij -6 (8,4 stops in de schaduwen) wordt zowel ruis als kleurweergave iets slechter.


Bij -7 (9,4 stops) is de grens bereikt van wat nog acceptabel is, zonder extreme vormen van plaatselijke ruisonderdrukking – maar die waarde zal in de praktijk zelden of nooit nodig zijn.

Bij -8 is naar onze smaak de ruis te sterk, maar in extreme situaties kunnen er nog details uit deze schaduwen gehaald worden.
Dynamiek
Lichten: 4,85 stops ++++
Schaduwen: 7,4 – 9,4 stops ++++
Totaal: 12,25 – 14,25 stops ++++
Conclusie:
Een prima sensor voor landschapsopnamen met een behoorlijke ruimte voor onder- en overbelichting.